De luie Havist is terug.
Mijn tijd als puberale havo-leerling is gekenmerkt door lanterfanten en de kantjes er vanaf lopen. De klassieke havist weet namelijk als geen ander hoe die maximaal resultaat kan boeken met minimale inzet. Zo bleef tijd over voor belangrijkere dingen, zoals videogames en appen met meisjes. Dit leidde tot groot chagrijn van ouders en leraren, wat weer leidde tot onbegrip bij ondergetekende. Wat is het probleem? Een zes is immers een voldoende. En voldoende is genoeg. De 15-jarige havist in mij kwijlt bij de gedachte van een tool als ChatGPT.
Hedendaags hebben we beschikking tot een heel arsenaal aan AI-tools die je helpen aan dat felbegeerde zesje. Of het nou gaat over een stukje tekst of het bewerken van een beeld. AI- werk laat zich het best omschrijven als “goed genoeg”. De aanpassingen die nog gedaan moeten worden om de middelmaat te verheffen, zijn minstens zo tijdrovend als het zelf doen. Je bent immers iets aan het corrigeren waarvan je geen idee hebt hoe het tot stand is gekomen. De altijd aanwezige prompt module lonkt onweerstaanbaar, voor je de vorige hallucinatie goed en wel hebt kunnen verwerken. Resultaat is dat je wordt meegenomen in de AI versie van een Trumpiaanse ‘weave’. Het woord waarmee de President van de Verenigde Staten zijn incoherente gebrabbel probeert wit te wassen. Een heleboel woorden, maar aan het einde weet je nog steeds niet waar het over gaat.
Via een podcast kwam een anekdote van Stephen Schwarzman, founder en CEO van Blackstone, een van ’s wereld grootste asset managers, tot mij. Hij vertelde over zijn prille begintijd als analist bij een Amerikaanse bank. De bank hield, zo stel ik mij voor, een ondergronds archief aan ter grootte van een kathedraal waar stapels kranten in archiefbakken als kerkzuilen tot het plafond reikte. De jonge Schwarzman weefde op basis van deze archieven zijn rapportages en analyses over bedrijven en beursnoteringen aan elkaar. Met blauw gekleurde vingers van de inkt van de kranten, wist hij de ins en outs van wat hij presenteerde. Hij begreep de data, want hij verwerkte de data. De blauwe vingers werden vervangen door vertrouwen op de blauwe ogen. De hedendaagse analisten bouwen op modellen en geautomatiseerde databases. De anekdote stamt uit 2019. Pre-AI. Een vooruitziende blik? Of exemplarisch voor de luie menselijke aard.
Nu iedereen met het grootste gemak de ondermaat kan oppoetsen tot middelmaat, zullen we dat ook met z’n allen doen. Dat fenomeen voltrekt zich nu al op de werkvloer. Onderzoek staat gelijk aan wat vragen stellen aan Chat. Van onderzoek is helemaal geen sprake. Het is niet anders dan het lezen van de samenvatting van je klasgenoot. Vragen naar de inhoud, het proces of een doorlichting van het eindresultaat stuit op het liefdeloze laagje AI vernis. Die is uiteindelijk niet opgewassen tegen de harde realiteit die vraagt om echtheid, begrip en inspanning.
Ja, ik ben inderdaad gewoon over gegaan en heb een diploma gehaald met mijn 6-jes. Deze klassieke havist zal echter ook erkennen dat ik de klokken wel heb horen luiden, maar waar die klepel hangt? Wie nog iets wil maken van betekenis, zal zich moeten wapenen tegen zijn of haar interne havist. Negeer de verleiding van de makkelijke prompt en werk je als overtuigd celibaat door de stof heen. Resultaat wordt geboekt door keihard, repetitief mensenwerk met doorzettingsvermogen en aandacht voor detail. Zij die niet bang zijn voor blauwe vingers, zullen de trots van hun ouders en docenten wellicht herwinnen.